vrijdag 12 april 2013

30 songs deel 6

Een liedje dat je aan een plek doet denken

Ik was jong, had net mijn eerste serieuze relatie, toen er werd gevraagd of ik niet wilde solliciteren op een baantje in het buitenland. Mijn moeder was meteen dolenthousiast, dat moet je doen meid, spoorde ze me aan. En eigenlijk leek het mij ook wel heel tof.

 Ik was net klaar met school, had nog geen huis, geen baan of andere verantwoordelijkheden, als ik zoiets wilde doen dan was het daar NU de tijd voor. En die relatie? Ach als ze van me hield dan zou ze dat toch wel begrijpen? In Nederland had ik al in verschillende animatieteams gewerkt. Dit was gewoon de ultieme afsluiting van die periode, en tegelijk het ultieme nieuwe begin.

 Dus solliciteerde ik, zonder echt te overleggen. Drie dagen later stond ik op Kretaanse bodem. Ik leefde een droom! Maar voor het betreffende vriendinnetje was het minder leuk. Dus die boekte het eerste de beste vliegtuig mijn kant op en kwam een MAAND logeren. Ze nam dit liedje mee, omdat ze dacht dat ik het mooi zou vinden, en het haar aan mij deed denken. Eigenlijk was ik niet zo'n fan. Ik luister het alleen in een nostalgische bui. Maar dan zie ik ons weer zitten, aan MIJN keukentafeltje, luisterend naar MIJN radioootje, op de kop getikt bij de Lidl. Ben ik weer even terug op Kreta.

Look at me, Keri Noble
 


p.s vandaag komt het album van Hade uit, een aanrader voor iedereen die van stoere chicks met gitaren houd! Zij kan bassen!!!!


donderdag 11 april 2013

WOT Bijzaken

Ik voel me vaak net Roodkapje, en dat het pad waar zij op moet blijven dan de hoofdzaak is. Maar onderweg zijn er zoveel verleidingen, zoveel zijwegen, zoveel groen gras om in te liggen, bloemetjes om te plukken, zoveel bijzaken die je af kunnen leiden.

En echt Roodkapje snapt wel wat haar doel is, gewoon het pad volgen naar het huisje van haar oma, om daar een mandje met koekjes, stokbrood en wijn af te geven. Natuurlijk hoorde zij de waarschuwingen van haar moeder, blijf vooral op het pad. Kijk uit voor de wilde dieren. En kom voor het donker weer thuis. En natuurlijk was ze van plan om netjes te doen wat er van haar verwacht werd. Het gebeurde heus niet expres dat het helemaal mis ging. Maar hoe had ze de verleiding kunnen weerstaan? Zoveel mooie bloemetjes. Daar zou haar oma vast ook gelukkig van worden.

Ieder bloemetje staat voor een andere bijzaak, ze plukte een hele bos bij elkaar. En kwam daarom te laat aan bij haar oma. Waar een listige wolf handig gebruik van maakte. Maar kan Roodkapje daar echt iets aan doen? Ze ging uiteindelijk toch over dat pad waar ze niet van had mogen afwijken? En kwam toch aan bij haar oma?

Ik kom altijd waar ik wezen moet, als ik een verhaal vertel kom ik altijd aan bij het einde, de kern, het huisje van oma houd ik in mijn zicht, maar er komen gaande weg zoveel andere dingen voorbij, die ook even verteld moeten worden. Want die vogel die daar vliegt, daar is ook iets interessants mee, wat me trouwens doet denken aan die vogel van vorige week, een mooi verhaal, dat moet je eigenlijk ook nog even horen.

Mijn lief vind dat verschrikkelijk, die wil dat ik op het pad blijf, mijn taak volbreng en dan weer voor het donker thuis kom om een nieuwe taak te krijgen. Als het erop aan komt dan kan ik me best focussen, dan kan ik netjes op het pad blijven. Dan zie ik die vogel wel, en denk ik daar het mijne over maar laat ik hem mij niet verleiden van het pad af te wijken.

Ik denk dat dat voor Roodkapje ook op gaat, als haar oma nu echt doodziek was geweest, dan had ze heus wel op het pad gebleven en zich op een drafje naar haar oma begeven. Maar nu oma gewoon maar een griepje had wilde ze haar extra verwennen met een boeketje afleiding. Eigenlijk deed ze extra haar best. En daarvoor had ze best wat meer waardering mogen krijgen!




woensdag 10 april 2013

Verdriet

"Jij hebt veel verdriet in je leven", zegt de handlezer, terwijl hij naar de lijnen in mijn hand staart. Ik ontken dit in alle toonaarden, "nee hoor, hoe kom je daar nu bij, ik verdriet?". De handlezer vraagt door, en ik vertel dat ik gewoon een heel normaal leven heb, met een normaal portie aan tegenslagen en verdrietige momenten. Ah, zegt hij, je kunt zeker erg goed met tegenslagen om gaan.

Daar moet ik even over nadenken. Visje heeft wel eens geroepen dat hij niet snapt hoe het kan dat ik steeds maar door ga. De scheiding van mijn ouders, het thuisloos geweest zijn, een eigen relatie die op de klippen liep (en nog een, en nog een). Werk dat niet altijd heel erg mee zit. Het contact met mijn vader dat erg minimaal is sinds die scheiding. En ik blijf maar doorgaan alsof niets me raakt. Kennelijk heb je een erg effectieve manier gevonden om met je tegenslagen om te gaan, was zijn conclusie.

Ik heb het geprobeerd hoor, zeker na mijn eerste relatie die verbroken werd, vier jaar hadden we lief en leed gedeeld en samengewoond, zij en ik. Het was alsof we samen een schilderij aan het maken waren en na overleg met elkaar steeds stiekem over de afbeelding heen schilderde zodat hij beter in de smaak zou vallen bij de ander. Alleen deden we dat dus allebei, waardoor het nog steeds geen geheel werd. En wij steeds verder van onszelf en elkaar af kwamen te staan. Toen dacht ik, oké, nu ga ik dus in een gat vallen. Mijn identiteit heb ik totaal opgehangen aan haar. Dus als zij er niet is, wie ben ik dan nog? Nou daar kwam ik snel genoeg achter, een super leuke meid, die voor haar een heleboel leuke hobby's had, waar ik nauwelijks aan toegekomen was met haar. Dat gat kwam dus niet, ik ging gewoon verder waar ik gebleven was voordat ik wist dat zij bestond. Ik hervond mezelf sneller dan ik dacht.

Maar misschien blijven er na al die gebeurtenissen waarna ik mezelf snel weer herpak toch wel kleine restjes verdriet achter, dacht ik. Omdat die handlezer dat dus meende te zien. Misschien moet ik verdriet eens tot thema in mijn leven uitroepen, en zien wat er dan gebeurt. Misschien stop ik het ook altijd wel veel te snel weg om vooral maar over te gaan tot de orde van de dag.

Nou dat heb ik geweten!!! Al een week lang snif en snotter ik wat af. Doordat ik met een griepje op bed lag, maar ook omdat ik dat verdriet toestond. Ondertussen schreef ik brieven over wat ik lastig vind op mijn werk. Over hoe mijn wenscontact met mijn vader eruit ziet. Over de nieuwe (nu ja niet zo heel erg nieuwe) liefde. Verrassend genoeg voelt het helemaal niet als een gat. Maar meer als iets dat ik gewoon even moet verwerken, met een beetje hulp en de juiste tools, en dan kan ik weer overgaan op de orde van de dag. That eassy!

vrijdag 5 april 2013

30 songs 5

Een liedje dat je aan iemand doet denken

Misschien doet dit liedje me niet zozeer aan iemand denken als wel aan een periode. En daarmee als vanzelf aan een persoon. Mama, deze is voor jou! 

Want mijn ouders waren net gescheiden, wij hadden nog geen huis, de omstandigheden waren zo dat bij mijn vader blijven wonen ook niet echt een optie was. Dus leefden wij met zijn drietjes, mama, jongste zusje en ik (middelste zusje was voor de scheiding al weggelopen) in een piepklein kamertje, zonder vloerbedekking en een half beschilderde muur. De rest van de muren was even betonkleurig als de vloer. We hadden niet veel bezittingen, maar we hadden een discman, en cd's die we kregen bij tijdschriften als OOR, of die we kochten bij de Free recordschop op verschillende treinstations. Drie cd's voor een tientje! We wilde onze gastheer en gastvrouw, een jong stelletje (Apra en Lenart de kans dat jullie dit lezen is heel erg klein, maar ik ben jullie nog steeds enorm dankbaar) niet te veel tot last zijn. Dus waren we meestal weg, en als we er wel waren zaten we in ons betonnen paleisje op luchtbedden te luisteren naar dit nummer, on and on and on and on.


donderdag 4 april 2013

WOT survivalkit

Laura's Survivalkit

7 jurkjes met stippen, voor iedere dag 1
4 bordjes met hysterische print
4 kopjes met bemoedigende woorden
Een doos met brieven, handgeschreven
1 vulpen
1 knuffeldier voor als alles even te veel is
een koelkast gevuld met lekker eten
1 laptop om op te kunnen schrijven
20 notitieboekjes, niet van die saaie
een muziek collectie die zich aanpast aan je humeur
kaartjes voor een festival, concert, theater toer, zodat je iets hebt om naar uit te kijken
Een baan die je gelukkig maakt
Een kast gevuld met boeken
potloden zodat je kunt tekenen
vrienden die je steunen
interne bevestiging, (graag een onsje meer)
1 bed om veilig in weg te kruipen
een dak boven je hoofd
familie om te knuffelen
kinderen, wat is een wereld zonder kinderen, leen ze van je buren, je zusje, je vrienden en laat ze je blik verruimen
Liefdevolle aandacht
Een album vol met foto's
En onbeperkt thee


Verliefd op de droom



“Ik heb je net zolang gedroomd totdat je waar was”, fluisterde hij in mijn oor. En ik keek onwennig weg. Hoewel ik er van overtuigd ben, dat wie wil dat zijn dromen werkelijkheid worden alleen zijn ogen hoeft te openen, was ik toch liever niet die vleesgeworden droom. Bovendien wist ik dat het niet waar was, in zijn droom had ik een cm of 30 langer geweest, en was mijn beroep iets in een kantoor, mijn kledingstijl net iets minder alternatief, maar wel dat creatieve, dat culturele sausje. In mijn droom was hij vooral een vrouw geweest. Maar wel dat reislustige, dat literaire, vegetarische, culturele en bovenal iemand om samen mee weg te kunnen dromen. 

Want dat konden we, dromen! Dromen over opleidingen die we vervolgens niet afmaakten, dromen over boeken die wel in onze hoofden zaten maar die we nooit schreven. Dromen over levens die zo anders waren dan die van onszelf. Dromen over huizen en hoe die in te richten. Dromen over huisdieren. Dromen over kinderen, of nee, toch maar niet. Dromen over muziek die wij componeren zouden. Dromen over dromen. En hoe wij nooit onze ogen open zouden doen, want dromen is veel leuker. 

Soms dan begon een van ons voorzichtig aan een droom. Meestal ik. Maar bleef dan veilig dicht bij de kant van het water, nooit eens die sprong in het diepe, nooit eens een flinke aanloop nemen en gewoon gaan. Om met de hoedenmaker uit Alice in wonderland te speken “i lost my muchnes”. Want vroeger toen ik nog jonger was toen kwamen dromen aan de lopende band uit, ik droomde dagelijks 7 onmogelijke dingen, nog voor het ontbijt. Toen figureerde ik in films, verschenen verhalen van mijn hand zomaar in boeken en werkte ik ineens in het buitenland. Dingen over kwamen mij, omdat ik erin geloofde. Ik moet mijn muchnes weer terug vinden. Ik moet weer leren geloven in sprookjes en dagelijks, nog voor het ontbijt 7 onmogelijke dingen gedroomd hebben! Ik moet weer een droom vinden waar ik heftig verliefd op kan worden, en zoals de Engelse dat zo mooi zeggen, in liefde vallen (falling in love) vol overgave en vertrouwen.

dinsdag 2 april 2013

De rode draad kwijt



Gisteren had ik met een aantal bloggers een gesprekje over de rode draad van je blog.
Ik heb geen rode draad, riep ik grappend. En meteen werd ik bevestigd, ik lees je wel trouw iedere keer, maar ik heb geen idee waar je nu over blogt. 

Hoewel het waar is en ik me heel goed kan voorstellen dat men niet weet waar ik over blog,was dat toch even een AU! Momentje. En echt, ik weet het, het is mijn eigen schuld, dan ben ik weer een weekje groen, dan wind ik me op over allerlei misstanden in de wereld, of meer specifiek in mijn wereld, om een volgende keer weer een stukje te schrijven over een geweldig liedje of een prachtig boek. Er zijn zeker wel thema’s in te herkennen, zoals duurzaamheid, boeken en muziek. Soms zie je mij worstelen met mijn werk of hoe ik in het leven moet staan. De goede verstaander (of lezer van mijn vorige blog) zal er af en toe een stukje polyamorie in herkennen. Maar een rode draad? Een alles overkoepelend thema? Dat ontbreekt. 

Eigenlijk is dat niet zo gek. In mijn leven mis ik die rode draad ook. Meer dan eens ben ik opnieuw begonnen. Een nieuw huis, een nieuwe partner, een nieuwe baan, maar altijd in het veilige. Nooit eens echt het roer om. In September heb ik daar een kleine verandering in gemaakt. Ik heb een huis gekocht, in mijn eentje. Helemaal niet veilig. De Gitarist die tijdelijk bij mij logeerde en dat tijdelijk steeds wist te rekken verzocht ik om zelf weer een onderkomen te zoeken. Dood eng! Huisgenoot moest ook maar even met zijn eigen ellende dealen.  Ik had ruimte nodig en die heb ik gekocht. Mijn mini paleisje. 

Vervolgens deed ik wat ik altijd deed. Wachten tot alles vanzelf beter zou gaan. Maar nu ik met griep op bed lig lijk ik het ineens allemaal heel helder te zien. Mijn rode draad is het gebrek aan rode draad. En als die draad er toch blijkt te zijn zit hij heftig in de knoop. Het word tijd om de knopen te ontwarren. Om mezelf opnieuw uit te vinden. Om niet langer te dromen, maar mijn ogen te openen, en de handen uit de mouwen te steken. Ik hou van mijn baan, van de kinderen met hun vrolijke verhalen. Maar niet van de omstandigheden waaronder ik moet werken. Van mijn gatenkaasrooster. (ik werk nu een peuterspeelzaal dienst van half 9 tot half 12 heb dan pauze tot kwart voor drie en moet vervolgens weer tot half 7 werken) Het sloopt me, maakt me kapot, zorgt dat ik nergens meer energie voor heb en opzie tegen maandagen. Dat past niet bij mij. Ik hou van werken, heb altijd een hiep hoi ik mag weer gevoel gehad.

Niet een heel handig inzicht in tijden van recessie. De banen liggen nu eenmaal niet voor het oprapen. Maar wil je echt veranderen, echt opnieuw beginnen, moet je eerste een beetje dood gaan. Ik geloof dat ik dat wil, dat dat is wat moet gebeuren.